Van de in Zeeland voorkomende roofvogels zijn Havik, Sperwer, Boomvalk en Slechtvalk echte vogeleters. Bruine Kiekendief, Buizerd en Torenvalk kunnen zich wel met vogels in leven houden, maar hebben voor een geslaagd broedseizoen ook een goed aanbod van muizen (alle drie de soorten) en jonge Hazen en Konijnen (Bruine Kiekendief en Buizerd) nodig. Met Konijnen is het de laatste jaren alleen maar bergafwaarts gegaan. Goede monitoringsgegevens zijn niet voorhanden. Maar de tijd dat er op de Gasdam in het Verdronken Land van Saeftinghe honderden en in de Braakman en aangrenzende Nieuw Neuzenpolder I meer dan 5.000 Konijnen konden worden geteld is niet meer (Henk Castelijns). Tegenwoordig zijn enkele tientallen Konijnen al heel wat. De stand is ingestort door een virusziekte en niet zoals je soms wel hoort door een toename van het aantal roofvogels (Bijlsma 2004). Voor wat betreft hazen zijn geen gegevens voorhanden.

De muizenstand varieert van jaar tot jaar. Een meetnet is er niet. Toch bleek bij een bezoek aan een muizenkamp van de jeugdwerkgroep de "Vlaamse Gaai" meer bekend dan was verwacht. Al jaren wordt er zo´n kampje georganiseerd. De methode is steeds gelijk. Een paar dagen voor het kamp worden een vast aantal vallen ("lifetraps") uitgezet en van een lokmiddel voorzien. Als de kinderen arriveren worden de vallen op scherp gezet en gedurende een aantal nachten regelmatig gecontroleerd. Na het kamp wordt door de leiding een verslag opgeteld. In het kader van dit rapport worden alleen de resultaten van 2002 en 2003 behandeld. De gegevens zijn ter beschikking gesteld door Sandra Dobbelaar.

De volgende gegevens liggen voor:

  • In drie opeenvolgende nachten vanaf 21 juni werden in Braakmanpolder Zuid (mzv, 038/368) 65 Woelmuizen en 10 ware muizen gevangen. Dat komt overeen met 25 muizen per nacht.
  • In de nacht van 21 en 22 juni 2003 werden in de Nol bij Hoek (mzv, 042/368) slechts 3 woelmuizen en geen enkele ware muis gevangen. Dat komt overeen met 3 muizen per nacht.
  • In de nachten van 4 op 5 en 5 op 6 juli 2003 werden in de Plasschaert bij Koewacht (ozv, 055/363) 25 woelmuizen en 16 ware muizen gevangen. Dat komt overeen met 21 muizen per nacht.

Kennelijk was in 2003 in elk geval lokaal de muizendichtheid lager dan in 2002. Een andere aanwijzing daarvoor is het verschil in het aantal vogelprooien die in Zeeuws-Vlaanderen werden aangetroffen in nestkasten waarin jonge Torenvalken werden geringd. In 2002 werden in 22 nestkasten 27 plukresten van vogels en in 2003 in 28 nestkasten 63 plukresten van vogels aangetroffen. Torenvalken zijn echte muizeneters en schakelen pas over op vogels zodra er weinig muizen zijn. Ze eten ook wel vogels als het aanbod groot is. Dat is bijvoorbeeld jaarlijks het geval als vanaf eind mei massaal de jonge Spreeuwen uitvliegen.