Figuur 17. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Slecht-valk in Zeeland in de periode 1995-2012.

In 2012 werden zeven zekere broedgevallen van de Slechtvalk vastgesteld waarvan er vier slaagden, één mislukte en van twee geen broedsucces bekend is. Behalve de zes broedgevallen was er nog een broedpaar, maar door gedonder met andere valken kwam het niet tot broeden. Het aantal broedparen wordt geschat op 8-11 (Figuur 17). Hierna wordt een overzicht gegeven per (potentieel) broedpaar.

Cargill Sas van Gent. Op deze locatie is sinds 2004 een broedpaar aanwezig, maar slaagde het broedgeval voor het eerst in 2012. Er zijn drie jongen uitgevlogen. Ze zijn alle voorzien van metalen en kleurringen. Het broedgeval vond plaats in een nestkast op 38 m hoogte. De start van de eileg, die is berekend met de vleugellengte van het oudste jong, was 9 maart. De jongen zijn ongeveer op 2 juni uitgevlogen. Er zijn geen waarnemingen bekend van voor de eileg.

Centrale Borssele. Het aantal eieren is niet bekend. Op 2 mei werden vier jongen geringd, gewogen, gemeten etc. Het bleek om één man en drie vrouwen te gaan. Uit de vleugellengte van het oudste jong kon worden afgeleid dat de eileg op 3 maart was begonnen. Alle jongen waren in prima conditie en zijn uitgevlogen. Voor prooiresten zie Tabel 7.

DOW Terneuzen. Het paar in deze nestkast produceerde vier eieren waarvan er drie zijn uitgekomen. Het niet-uitgekomen ei werd opengemaakt: geen zichtbare vrucht aanwezig. Gemeten aan de vleugellengte van het oudste jong werd het eerste ei gelegd op 10 maart. Voor prooiresten zie Tabel 7.

Hooge Platen Breskens. Zoals gewoonlijk een van de best gedocumenteerde gevallen: veel waarnemingen op afstand van de bewaker (Fred Schenk) en een beperkt aantal nestbezoeken, vanwege de nabijheid van kolonies meeuwen en sterns. Vanaf begin januari was het paar aanwezig (Pieter Dhaluin) en vanaf 18 februari wordt het paar bij vrijwel elke bezoek door de bewaker gezien. Op 12 april vindt hij vier tijdens een hoog getij uit het nest gerolde eieren (zie foto’s hieronder). De nestlocatie komt aardig overeen waar de valk een week eerder in het schor zat, ze moeten toen ook al eieren gehad hebben. Op 13 april worden geen Slechtvalken gezien en op 16 april vreet er een van een prooi. Op 1 mei vindt er boven het water een prooioverdracht plaats. Op 12 mei wordt door de bewaker weer een bezoek aan de plaat gebracht; er is een vervolglegsel met twee eieren op exact dezelfde plaats als het eerste legsel. Tot 5 juni is de bewaker zeker op 12 dagen aanwezig, maar ziet geen Slechtvalk. Ook niet als hij op 23 mei een bezoek aan de plaat brengt, maar dan de omgeving van het nest niet bezoekt. Er is wel een waarneming van derden vanaf de wal op 4 juni. Bij het bezoek aan de plaat op 5 juni treft hij eieren noch jongen aan. De dag daarvoor zijn alle sporen uitgewist door een voor de tijd van het jaar extreem hoog getij. Het weer was die dag zo slecht (maximum temperatuur 12,3°C, 23 mm neerslag en windkracht 4-6 Beaufort) dat bij de Zwartkopmeeuwen 75 80 % van de jongen zijn omgekomen. De wat meer beschut zittende Kokmeeuwen hebben er met een sterfte van 10% beter vanaf afgebracht. De sterfte bij de Grote Sterns, die in duintjes zitten, is nog wat lager. De bewaker ziet pas op 15 juli weer een Slechtvalk. Vanaf de wal is er een waarneming op 12 juli.

Een geënsceneerd Slechtvalklegsel (met eieren van foto rechts. Hooge Platen 12 april 2012. Foto: Fred Schenk.Een geënsceneerd Slechtvalklegsel (met eieren van foto rechts. Hooge Platen 12 april 2012. Foto: Fred Schenk.  Vier door een hoog getij uit het nest gespoelde eieren. Hooge Platen 12 april 2012. Foto: Fred Schenk.Vier door een hoog getij uit het nest gespoelde eieren. Hooge Platen 12 april 2012. Foto: Fred Schenk. 

Tabel 7. Prooien en prooiresten in en bij Slechtvalknesten in Axel, Terneuzen (Tern) Borssele (Bors), Terneuzen (Tnz) en Sas van Gent (SvG) in 2012. Bij Axel worden jaarrond prooien verzameld. In de tabel wordt een overzicht gegeven van de periode februari tot en met juni.Tabel 7. Prooien en prooiresten in en bij Slechtvalknesten in Axel, Terneuzen (Tern) Borssele (Bors), Terneuzen (Tnz) en Sas van Gent (SvG) in 2012. Bij Axel worden jaarrond prooien verzameld. In de tabel wordt een overzicht gegeven van de periode februari tot en met juni.Lange Jan Middelburg. Op 8 januari wordt één valk gezien en op 4, 5 en 10 maart een paar, op 5 maart zelfs balts. Vervolgens is er nog een waarneming op 22 mei.

Watertoren Axel. Waarnemingen via een webcam. Het paar was de hele winter aanwezig. Op 17 december was er voor het eerst balts en zaten beide ouders in de kast te sjuppen. De dag daarop werd een nestkuiltje geschraapt. Alles leek goed te gaan, tot op 3 maart een vrouw met leertjes (valkeniersvogel) verscheen. Dat was het begin van veel gedonder. De man baltst, draagt prooi over en paart met beide vrouwen. De valk met leertjes wordt voor het laatst gezien op 9 maart, maar kan ook langer gebleven zijn. Op 17 en 18 maart verschijnt een paar keer een tweede kalanderjaar vrouw bij en in de kast. Ze draagt een brede oranjerode ring. Ook met deze vrouw baltst de man. Op 18 maart verschijnt opnieuw een andere vrouw. Weer gaat het om een valkeniersvogel, nu met leertjes en belletje aan de poten. Deze vrouw blijft in elke geval tot 9 april. Vanaf half april wordt gedurende enige tijd een vreemde volwassen vrouw gezien (de vierde van het seizoen). Tot begin mei is er voortdurend gedonder, daarna neemt de activiteit wat af. De kansen op een broedgeval zijn dan verkeken, maar het verzamelen van prooiresten is gewoon doorgegaan (Tabel 7).

Yara Sluiskil. Er zijn geen waarnemingen van deze locatie. Er is in ieder geval niet (succesvol) gebroed op de plaats (een chemische kraker) waar in 2008 en 2009 wel succesvol werd gebroed (Harry Polderman).

Zevenaarhaven Terneuzen. Deze broedlocatie was in 2011 voor het eerst bezet. Evenals vorig jaar zijn er minimaal twee jongen uitgevlogen (Eric Dekker, Wilfried Mahu). De nestkast hangt op een onbereikbare plaats (indertijd opgehangen met een hoogwerker) en is daardoor niet te controleren.

Radartoren bij het Verdronken Land van Saeftinghe. De toren is moeilijk bereikbaar, de nestplaats in het geheel niet. Vanaf de winter zijn er geregeld Slechtvalken te zien. Op 15 juni wordt er gealarmeerd en liggen er prooiresten. Op 23 juni vliegt een ouder met prooi naar de toren en op 17 juli zijn drie valken met elkaar aan het dollen. Ze duiken naar elkaar en volgen elkaar. Door tegenlicht is niet te zien of het om jonge vogels gaat. De conclusie luidt; broedgeval, maar broedsucces onduidelijk (Marc Buise, Pepijn Calle, Wannes Castelijns).

Zierikzee. Tussen 13 januari en 2 maart wordt regelmatig een Slechtvalk gezien in de omgeving van Zierikzee Op zich niets bijzonders, maar op 23 maart is er een paar en op 23 april houdt een paar zich op bij een silo (Sven Prins). Op 27 mei is er nog een waarneming uit de omgeving, maar meer waar-nemingen zijn er niet. Omdat er mogelijk onder de Zeelandbrug werd gebroed, heeft René van Loo vanaf de wal de brug een paar keer een paar uur afgezocht, maar niets waargenomen. Al bij al te weinig voor een broedgeval.

Markiezaatsmeer. Heeft gebroed in hoogspanningsmast (Ray Teixiera). Geen broedresultaat bekend.

Adulte Slechtvalk met zelf geslagen Wilde Eend. Sofiapolder Oostburg, 1 februari 2012. Foto: Johnny du Burck.Adulte Slechtvalk met zelf geslagen Wilde Eend. Sofiapolder Oostburg, 1 februari 2012. Foto: Johnny du Burck.