Figuur 4. Index van het aantal Hazen Lepus europaeus langs polderroutes in Oost en Midden Zeeuws-Vlaanderen (OZV en MZV) voor 2004-2010. In 2004 ging het om 166 en 84 ex.Figuur 4. Index van het aantal Hazen Lepus europaeus langs polderroutes in Oost en Midden Zeeuws-Vlaanderen (OZV en MZV) voor 2004-2010. In 2004 ging het om 166 en 84 ex.Van de in Zeeland voorkomende roofvogels zijn Havik, Sperwer, Boomvalk en Slechtvalk echte vogeleters. Bruine Kiekendief, Buizerd en Torenvalk eten ook wel vogels, maar hebben voor een goed broedseizoen een goed aanbod aan muizen (alle drie de roofvogelsoorten) jonge Hazen, jonge Konijnen en jonge Fazanten (Bruine Kiekendief en Buizerd) nodig (zie de soortbeschrijvingen verderop).

Sinds 2004 vindt monitoring van enkele belangrijke prooisoorten plaats. Er zijn twee (polder)routes voor Hazen en Fazanten: één in Oost en één in Midden Zeeuws-Vlaanderen. De routes bevinden zich in de atlasblokken 5512/5513 en 5424/5425. Er wordt geteld bij droog en rustig weer in de periode half februarihalf maart van twee uur voor zonsondergang tot een half uur erna. In die tijd van het jaar en op dat tijdstip zijn Hazen en mannetjes Fazanten erg actief. Het tijdens de telling treffen van vrouwtjes Fazanten berust op toeval, omdat ze groepsgewijs en meer in dekking leven. De resultaten daarvan worden niet gepresenteerd.

Figuur 5. Index van het aantal Konijnen Oryctolagus cuniculus op de Gasdam Saeftinghe en in het Braakmanbos voor 2004- 2010. In 2004 ging het om 135 en 20 ex.Figuur 5. Index van het aantal Konijnen Oryctolagus cuniculus op de Gasdam Saeftinghe en in het Braakmanbos voor 2004- 2010. In 2004 ging het om 135 en 20 ex.Op beide polderroutes worden ook Konijnen geteld, maar de aantallen zijn laag. Daarom worden in genoemde atlasblokken twee speciaal op deze soort afgestemde ‘routes’ geteld: de Gasdam Saeftinghe en de Braakmanpolder. In het eerste gebied worden in de periode eind april-half mei in de avondschemering vanaf een vast telpunt alle op dat moment bovengrondse Konijnen geteld. In de Braakmanpolder wordt in de tweede helft van maart rondom zonsondergang een circa 8 km lang vast traject over bospaden gelopen.

De Hazenstand was het hoogst in 2004 en nam daarna af. In 2007 Volwassen Haas in de Yerseke Moer op 18 mei 2008. Jongen van Hazen zijn in agrarisch gebied voor broedende Buizerds een belangrijke voedselbron. [i]Foto: Niels de Schipper.[/i]Volwassen Haas in de Yerseke Moer op 18 mei 2008. Jongen van Hazen zijn in agrarisch gebied voor broedende Buizerds een belangrijke voedselbron. Foto: Niels de Schipper.was er in Oost Zeeuws- Vlaanderen enig herstel, waarna de populatie verder afnam. Ook in Midden Zeeuws- Vlaanderen was er herstel. Hier tot in 2009. In 2010 was het aantal ook daar wat afgenomen (figuur 4).

In 2009 werd door de aanleg van een nieuwe gasleiding de Gasdam Saeftinghe in zijn geheel omgewoeld. Hierdoor stortte de Konijnenpopulatie in en is er in 2009 (tijdens de werkzaamheden) geen telling uitgevoerd. In 2010 resteerde nog maar een kwart van de Konijnenpopulatie van 2008. In het Braakmanbos is het aantal Konijnen sinds 2004 spectaculair toegenomen (figuur 5). Ook op andere plaatsen worden tijdens het veldwerk meer en meer Konijnen gezien (niet gekwantificeerd).

Man fazant in een wintergraanveld in de Yerseke Moer op 11 april 2007. In Zeeland is de Fazant in het agrarisch gebied nog steeds een veel voorkomende soort. Jonge Fazanten zijn vooral voor Bruine Kiekendieven met opgroeiende jongen een belangrijke voedselbron. [i]Foto: Niels de Schipper.[/i]Man fazant in een wintergraanveld in de Yerseke Moer op 11 april 2007. In Zeeland is de Fazant in het agrarisch gebied nog steeds een veel voorkomende soort. Jonge Fazanten zijn vooral voor Bruine Kiekendieven met opgroeiende jongen een belangrijke voedselbron. Foto: Niels de Schipper.Het aantal Fazanthanen kent geen duidelijke trend (figuur 6).

Het broedsucces van de Torenvalk is een maat voor de Veldmuizenstand. In 2009 was het broedsucces evenals in 2008 lager dan normaal. In 2010 was het juist hoger (figuur 7). Twee slechte jaren achter elkaar zijn niet eerder voorgekomen.

Figuur 6. Index van het aantal Fazanthanen [i]Phasianus colchicus[/i] langs polderroutes in Midden en Oost Zeeuws- Vlaanderen voor 2005-2010. In 2005 ging het om 9 en 48 ex.Figuur 6. Index van het aantal Fazanthanen Phasianus colchicus langs polderroutes in Midden en Oost Zeeuws- Vlaanderen voor 2005-2010. In 2005 ging het om 9 en 48 ex.

 

 

Figuur 7. Broedsucces van de Torenvalk [i]Falco tinnunculus[/i] in de periode 1995-2010.Figuur 7. Broedsucces van de Torenvalk Falco tinnunculus in de periode 1995-2010.