Figuur 18. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Torenvalk in Zeeland in de periode 1995-2008.Figuur 18. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Torenvalk in Zeeland in de periode 1995-2008.In 2008 werden 159 nesten en in totaal 194 broedparen opgespoord. De broedpopulatie wordt geschat op 373-525 paren en is al jaren stabiel (figuur 18). Daarbij dient te worden opgemerkt dat uit jaarlijkse inventarisaties van geheel Midden Zeeuws-Vlaanderen (80 km2) is gebleken dat de variatie tussen de jaren groter is dan de aantallen in figuur 18 doen vermoeden (Castelijns 2008). In 2008 ging het in dit gebied om het recordaantal van 39 broedparen terwijl het in 1996 maar 21 paren betrof.

In 2008 zijn Torenvalken gemiddeld 15 dagen later met de eileg begonnen dan in 2007; 2 mei versus 17 april. Het gemiddelde aantal eieren per nest was met 4,7 normaal (s=0,73, n=97) (figuur 19). Figuur 19. Trend van het aantal eieren en het aantal uitgevlogen jongen bij de Torenvalk in Zeeland in de periode 1995-2008.Figuur 19. Trend van het aantal eieren en het aantal uitgevlogen jongen bij de Torenvalk in Zeeland in de periode 1995-2008.Dat de voedselsituatie niet zo gunstig was, bleek uit het naar verhouding geringe aandeel zeslegsels. In 2007 was 1 op 2,8 (n=99) en in 2008 1 op 8,8 (n=97) een zeslegsel. In 2006 was het aandeel met 1 op 15,5 (n=62) lager dan ooit (bijlage 2). Tijdens het opgroeien van de jongen is er veel misgegaan. Gemiddeld vlogen slechts 3,3 jongen per geslaagd broedsel uit (s=1,09, n=103). Over wat langere tijd beschouwd, is zowel het aantal eieren als het aantal jongen stabiel. Vanaf 2003 zijn de jaarlijkse fluctuaties echter groter dan in de periode daarvoor (figuur 19).

Nabij Nisse werd waargenomen dat een mannetje Torenvalk met twee verschillende vrouwtjes copuleerde. De vrouwtjes bewoonden elk een nestkast aan weerszijden van een schuur. Ze produceerden allebei een vijflegsel. In een andere kast, die zich in een boomgaard op circa 150 m bevond, had een vrouwtje vier eieren gelegd. Hierbij werd slechts éénmaal een mannetje gezien, waarschijnlijk hetzelfde exemplaar dat het had aangelegd met de twee vrouwtjes bij de schuur. Geen van de in totaal 14 eieren is uitgekomen. Het vrouwtje met de vier eieren heeft het legsel verlaten na minimaal 35 dagen te hebben gebroed (Hugense 2009).

In een Torenvalknestkast nabij Breskens werden de restanten van twee jonge Egels gevonden. De ene Egel was op de huid met de stekels na opgegeten, de andere was nog niet aangetast. Dit exemplaar woog 40 gram.

Peter de Smidt draait een Torenvalknestkast, die in een slootkant staat, naar de akkerzijde om deze te kunnen controleren. De kast is normaal met de achterkant naar de heersende windrichting gekeerd. Let op de ligging van het riet! Hierdoor wordt inregenen voorkomen. Zuidzande 20 juni 2008. [i]Foto: Henk Castelijns.[/i]Peter de Smidt draait een Torenvalknestkast, die in een slootkant staat, naar de akkerzijde om deze te kunnen controleren. De kast is normaal met de achterkant naar de heersende windrichting gekeerd. Let op de ligging van het riet! Hierdoor wordt inregenen voorkomen. Zuidzande 20 juni 2008. Foto: Henk Castelijns.Dezelfde kast van hiernaast. In de kast is tegen het dak een spiegel bevestigd. Daarmee kan een snelle controle worden uitgevoerd. Op 20 juni zijn de jongen, gewogen, gemeten en geringd en was het nodig de kast met behulp van een ladder te beklimmen. Er zijn drie jongen uitgevlogen. Zuidzande 20 juni 2008. [i]Foto: Henk Castelijns.[/i]Dezelfde kast van hiernaast. In de kast is tegen het dak een spiegel bevestigd. Daarmee kan een snelle controle worden uitgevoerd. Op 20 juni zijn de jongen, gewogen, gemeten en geringd en was het nodig de kast met behulp van een ladder te beklimmen. Er zijn drie jongen uitgevlogen. Zuidzande 20 juni 2008. Foto: Henk Castelijns.