Figuur 16. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Slechtvalk in Zeeland in de periode 1995-2007.Figuur 16. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Slechtvalk in Zeeland in de periode 1995-2007.In Zeeland werden in 2007 zeven broedparen van de Slechtvalk opgespoord. Het aantal broedparen wordt geschat op 7-8 (figuur 16). Slechts van twee broedparen is het resultaat bekend: in beide gevallen twee jongen. De overige broedparen zijn waarschijnlijk mislukt.
Zoals elk jaar volgt ook nu weer een toelichting per paar.

Uit de nestkast in de Braakmanhaven bij DOW Terneuzen zijn twee jongen uitgevlogen die op 15 mei werden geringd. Het ging om twee mannetjes die behalve van een ring van het Vogeltrekstation ook van een oranje kleurring zijn voorzien: V8 en V9. Op basis van de vleugellengte was het eerste ei van 11 maart (Peter van Geneijgen). Het voedsel van dit paar is in vergelijking met het paar van de Hooge Platen opvallend gevarieerd. Het bestaat voor 41 % uit steltlopers en 22 % uit postduiven (tabel 5). De nestlocatie bevindt zich aan Tabel 5: Overzicht in procenten van bij Slechtvalknesten Falco peregrinus verzamelde prooien. Bij DOW in de Braakmanhaven (DOW) werden de prooien verzameld in de periode 2004-2007 en op de Hooge Platen (HP) in de periode 2006-2007Tabel 5: Overzicht in procenten van bij Slechtvalknesten Falco peregrinus verzamelde prooien. Bij DOW in de Braakmanhaven (DOW) werden de prooien verzameld in de periode 2004-2007 en op de Hooge Platen (HP) in de periode 2006-2007de oever van de Westerschelde waar het aanbod aan steltlopers weliswaar hoog is, maar een stuk lager dan op de Hooge Platen die zich in de monding van de Westerschelde bevinden (Strucker et al. 2007). De daar broedende Slechtvalken brengen hun jongen vooral groot met postduiven (66 %) in plaats van steltlopers (15 %).

Evenals in 2006 broedde in 2007 op de Hooge Platen in lage duintjes op de grond een paar Slechtvalken. Het nest bevond zich op circa 20 meter van het nest van 2006. Er zijn twee jongen uitgevlogen. Ze zijn voor het laatst samen gezien op 4 augustus toen ze 57-59 dagen oud waren. Op 2 juli zijn ze gewogen, gemeten en geringd: de man met oranje Z1 en de vrouw met oranje X3. Op basis van de vleugellengte was het eerste ei gelegd op 30 april (Peter van Geneijgen). Dat is 50 dagen later dan het broedpaar in de Braakmanhaven. Vorig jaar was er 43 dagen verschil. De omstandigheden op een zandplaat zijn dan ook heel anders dan in een nestkast op een industrieterrein. De broedplaats bevindt zich aan de rand van een sternkolonie met meer dan 3.000 broedparen. Het gebied wordt frequent bewaakt. Tijdens het bewaken worden aantekeningen gemaakt in een logboek (zie logboek Slechtvalken Hooge Platen). Daaruit blijkt dat het Slechtvalkenpaar geregeld voor paniek onder de sterns zorgt, maar dat er weinig worden gegrepen. In 2007 werd twee keer gezien dat een onvolwassen Visdief werd gevangen en zijn bij het nest de plukresten van twee onvolwassen Visdieven gevonden. Het zijn de offers die voor het vrij houden van het gebied van Zwarte Kraai en Zilvermeeuw worden gebracht (zie logboek Slechtvalken Hooge Platen). De jonge Slechtvalken worden vooral grootgebracht met postduiven (tabel 5), waarbij het opvalt dat het of om jonge duiven of om verdwaalde exemplaren gaat (bijlage 4). De herkomst van de postduiven verschilt bovendien opvallend met die van andere locaties met Slechtvalken in Zeeuws-Vlaanderen (figuur 17). De voorkeur voor postduiven is verrassend met een dergelijk groot aanbod aan sterns en steltlopers in de buurt. Kennelijk zijn postduiven voor de Slechtvalk in een open gebied een eenvoudig te bemachtigen prooi en hebben sterns het juiste afweermechanisme.

Ook in 2007 was er weer een broedpaar nabij Cerestar Sas van Gent. Op 29 januari en 27 februari zat het paar nabij de kast en werd er gebaltst. De volgende waarneming was pas van 15 juni. Bij vijf tussenliggende controles werd geen enkel exemplaar waargenomen. Daaruit wordt geconcludeerd dat het paar niet tot eileg is gekomen (Henk Castelijns). Deze broedplaats is bezet sinds 2004, maar er zijn nog nooit jongen geboren.

Figuur 17: Herkomst naar land van door Slechtvalken geslagen postduiven. Boven van prooiresten verzameld op de Hooge Platen (n=41) en onder van drie plaatsen in Midden en Oost Zeeuws-Vlaanderen (n=53).Figuur 17: Herkomst naar land van door Slechtvalken geslagen postduiven. Boven van prooiresten verzameld op de Hooge Platen (n=41) en onder van drie plaatsen in Midden en Oost Zeeuws-Vlaanderen (n=53).In het Verdronken Land van Saeftinghe werd een territorium vastgesteld. Op 18 april werd voor het eerst een heftig alarmerende vogel waargenomen (Wannes Castelijns). Op dezelfde plaats werd tussen 21 april en 19 mei geregeld één ex gezien. Op 2 mei was er opnieuw een baltsend paar en op 19 mei een heftig alarmerende man. Er werd geen nest gevonden en er zijn geen jongen gezien (Marc Buise).

Begin april werden door Cees Lavooy nabij de Slechtvalknestkast van de centrale van Borssele geregeld drie valken gezien: een groter en twee kleinere ex. Op 8 april werd door Niels de Schipper een grote bruine valk nabij de nestkast waargenomen. Het ging waarschijnlijk om een hybride. De vogel had wat van een Sakervalk (Falco cherrug). Dezelfde vogel verbleef de afgelopen winter nabij de Hooge Platen, op circa vijf kilometer van de centrale. Begin april werd op het terrein van de centrale een gewonde ongeringde Slechtvalk gevonden. De vogel werd naar Vogelopvangcentrum De Mikke in Middelburg gebracht. Hij/zij miste de bovenhelft van de snavel en was gewond aan de kop. De vogel is later aan de verwondingen gestorven. Volgens een specialist van de dierenkliniek Gent wezen de verwondingen op een aanvaring met een hoogspanningslijn (Bas Quist).

Zowel in het Markiezaats- als in het Zoommeer was een territoriaal paar nabij hoogspanningsmasten aanwezig. Jongen werden niet gezien (Ton Bakker).

Op 1 april werd door Jaco Walhout een Slechtvalk gezien nabij de Lange Jan in Middelburg. Een eindje verder, nabij de Oostkerk, werden door hem twee afgekloven Goudplevieren gevonden. Op 8 april werd door Marcel Klootwijk nabij de Lange Jan een roepende volwassen man Slechtvalk waargenomen. Daarna werd de vogel niet meer gezien. Mogelijk ging het om een overwinteraar. Dit geval is niet aangemerkt als een broedpaar.

Op 30 oktober 2007 werd door Ton Bakker een kleurring afgelezen. Het betrof een mannetje dat op 8 mei 2004 nabij DOW Terneuzen als nestjong van een oranje kleurring M5 werd voorzien.