Tabel 1: Resultaat van de monitoring van enkele voor roofvogels belangrijke prooien in Oost (OZV, Gasdam Saeftinghe) en Midden Zeeuws-Vlaanderen (MZV, Braakman). Zie ook tekst.Tabel 1: Resultaat van de monitoring van enkele voor roofvogels belangrijke prooien in Oost (OZV, Gasdam Saeftinghe) en Midden Zeeuws-Vlaanderen (MZV, Braakman). Zie ook tekst.Van de in Zeeland voorkomende roofvogels zijn Havik, Sperwer, Boomvalk en Slechtvalk echte vogeleters. Bruine Kiekendief, Buizerd en Torenvalk kunnen zich wel met vogels in leven houden, maar hebben voor een geslaagd broedseizoen ook een goed aanbod van muizen (alle drie de soorten) en jonge Hazen en Konijnen (Bruine Kiekendief en Buizerd) nodig.

Sinds 2004 vindt op beperkte schaal monitoring van een paar belangrijke prooisoorten plaats. Er zijn twee routes voor Hazen; één in Oost en één in Midden Zeeuws-Vlaanderen. De routes bevinden zich in de atlasblokken 5512/5513 en 5424/5425. Figuur 2: Trend van het aantal in Zeeland uitgevlogen Torenvalkjongen in de periode 1995-2006. Een goed broedsucces staat voor een goed muizenjaar.Figuur 2: Trend van het aantal in Zeeland uitgevlogen Torenvalkjongen in de periode 1995-2006. Een goed broedsucces staat voor een goed muizenjaar.Er wordt geteld in de periode half februari/half maart als de gewassen op de akkers nog kort zijn en de Hazen vanwege de paringstijd erg actief zijn. Op deze routes worden ook Konijnen, Fazanten en Patrijzen geteld.

Ook voor Konijnen zijn er in dezelfde atlasblokken twee routes; één op de Gasdam Saeftinghe waar half mei in de avondschemering vanaf een vast telpunt alle op dat moment bovengrondse Konijnen worden geteld en één in de Braakman waar aan het begin van de avond in het donker een aantal bospaden wordt afgelopen en alleJonge Haas zich schuilhoudend tussen brandnetels. Koegorspolder 23 april 2006. [i]Foto: Henk Castelijns.[/i] met een zaklamp waar te nemen Konijnen worden geteld.

De resultaten zijn samengevat in tabel 1. Daaruit blijkt dat de Hazenstand afneemt en de stand van het Konijn zich wat hersteld. Langs beide routes samen werden in 2005 55 mannetjes en 26 vrouwtjes en in 2006 31 mannetjes en 38 vrouwtjes

Het broedsucces van de Torenvalk is een maat voor de muizenstand: 2006 was een erg slecht muizenjaar (figuur 2).